Geschiedenis

Een echte Vergeest heeft ijzervijlsel in zijn bloed

Het blijkt uit onderzoek van professor Roberto Flören van Universiteit Nijenrode: Vergeest Metaalbewerking in Druten hoort tot de tien oudste familiebedrijven van Nederland. De eerste smid begon in 1700 in Hernen.

Door: Bas van der Hoeven

Prins Willem III van Engeland regeert over de Republiek van de Verenigde Provinciën. In Europa wordt de ene na de andere oorlog uitgevochten. De Verenigde Oost-Indische Compagnie heeft ernstige financiële problemen en het land wordt regelmatig geteisterd door hongersnoden en overstromingen. De pest maakte vele slachtoffers en in de bossen rond het Gelderse dorp Hernen zwerven hongerige wolven rond. In dat weinig florissante ondernemersklimaat besluit hoefsmid Peter Vergeest voor zichzelf te beginnen. Het is 1700 en in een schuurtje aan de Dorpsstraat in Hernen stookt Vergeest een bedrijfsvuur op dat tot op de dag van vandaag door een dynastie van ijzervreters brandende is gehouden. 307 jaar later hebben de gebroeders Vergeest, verre nazaten van die onbekende stichter, ieder een eigen bedrijf: Joris in Wijchen en Nol in Druten. Vergeest Metaalbewerking, het door vader Wim gestichte bedrijf op het industrieterrein in Druten, wordt beschouwd als een van de oudste familiebedrijven van Nederland. Nol: „Ik heb mijn stamboom eens laten uitzoeken. De verste voorvader waarvan iets te vinden was, is Peter Vergeest. Die naam staat vermeld op een erfpachtlijst van 28 februari 1726. Hij moest 20 cent betalen voor ‘huijs en hoff’. De dorpssmid was getrouwd met Maria Hendriks. Zijn geboortedatum is niet bekend.” Vanaf die smid ging de vakkennis eeuwenlang over van vader op zoon. Steeds was er een stamhouder om de ijzerhoudende, vurige bloedlijn voort te zetten. Nol: „Mijn verre voorvaderen hebben altijd van de boeren geleefd. Tot mijn vader Wim Vergeest aan toe. Hij was pas achttien toen hij het bedrijf moest overnemen, omdat mijn opa Arnoldus Vergeest onverwacht overleed. Hij schakelde over op mechanisatie.” De generatie hoefsmeden zag in de tweede helft van de vorige eeuw het paard verdwijnen. Alleen van het beslaan van werkpaarden en het repareren van karren en wagens kon de smid niet meer leven. Nol: „Mijn vader maakte melkmachines en inloopwagens en sloeg waterputten voor de lokale agrariërs. Ik ging met 5, 6 jaar al met hem mee. Dan liet hij mij de spullen voor een klus klaarleggen. Al heel jong leerde ik daardoor veel over het gebruik van materialen en gereedschap én logisch denken.” Na zijn technische opleiding raadde vader Vergeest zijn zoon aan het vak ‘bij een ander te leren’.

Nol Vergeest: „Ik heb drie jaar bij Smit Tranformatoren in Nijmegen gewerkt, daarna ben ik naar Machinefabriek De Boer gegaan. Het was een prima leerschool. In 1989 kon ik naar Stork. Er werd me een mooie baan aangeboden, maar mijn vader vroeg: ‘Hoe zit dat? Wilde thuis nog aan de gang, of hoe is het er mee?’ Ik ben bij hem gaan werken, maar goed ook. Vijf jaar later stierf hij onverwacht. Hij was pas 60 jaar.” Gelukkig had Nol inmiddels een levenspartner gevonden, die ook hart voor de zaak heeft. Registeraccountant Miranda Theunissen vormt samen met Nol de directie van Vergeest Metaalbewerking. Nol de techniek, Miranda de papieren rompslomp, daar komt het op neer. Miranda Vergeest-Theunissen: „Ik doe de boekhouding, maar heb wel een accountant in dienst. Ik zou dat allemaal zelf kunnen doen, maar vind het prettig een sparringpartner te hebben. Dat houdt me scherp.” Iedere werknemer met een vraag stapt zonder kloppen het kantoor binnen: „Nol, moet ik die pijp helemaal aflassen? Weet je of deze tekening nog klopt?” Nol Vergeest: „Dat is onze kracht. We hebben een platte organisatie. Dat werkt heel effectief. Bij ons geen vergadercultuur. Elke vrijdag hebben we overleg met de voorlieden. We hebben zelfsturende teams. Iedereen voelt zich betrokken. Het ziekteverzuim ligt onder de 1 procent.” Ook in deze tijden van schaarste aan ambachtslieden heeft Vergeest geen gebrek aan jonge vaklui.

„Elke zaterdag werk ik hier met jongens die op het vmbo een opleiding volgen. Die leren hier het vak en verdienen een centje bij. Na een paar maanden lassen ze beter dan hun praktijkleraar. Prachtig toch?” Inmiddels maakt de boerensmid complete bedrijfshallen. Zowel de staalconstructie als de beplating. Nol Vergeest: „We hebben veel vaste klanten. Vooral veel frees- en boorwerk. Al 307 jaar komen onze klanten terug. Bijvoorbeeld veehouder Pietje van ut Huukske uit Hernen. Die heb ik nog gekend en hij kende overgrootvader Johannes nog. Vier generaties Vergeest hebben voor Pietje gewerkt. Mooi hè.” Of zoon Pim (6) ook ijzervijlsel in zijn bloed heeft, moet nog blijken.

Nol: „We wonen in Hernen, dus niet bij het bedrijf. Ik groeide op tussen het ijzer. Ik weet niet of dat verschil maakt. Pim mag in ieder geval gaan doen wat-ie wil, maar natuurlijk is het mooi als een eeuwenoud familiebedrijf wordt voortgezet.”
Oudste familiebedrijven
1. Touwfabriek van der Lee, Oudewater. 1545
2. Tichelaars Koninklijke Makkumer Aardewerk, Makkum. 1594
3. Koninklijke Klokkengieterij Petit & Fritsen, Aarle-Rixtel. 1660
4. Van Eeghengroep, Amsterdam. 1662
5. Bavaria, Lieshout. 1680
6. Nolet jeneverstokerij, Schiedam. 1691
7. Koninklijke De Kuyper, Schiedam. 1695
8. C. De Koning Tilly, Haarlem. 1696
9. Vergeest Metaalbewerking, Druten. 1700
10. Koninklijke Joh Enschedé, Haarlem. 1703

Geslacht Vergeest
Peeter Vergeest 16??
Jan Vergeest 1705-?, gehuwd met Maria Hendriks
Peeter Vergeest 1744-1816, gehuwd met Franciska van Sagten
Willem Vergeest 1790-1860, gehuwd met Johanna de Kleijn
Johannes Vergeest 1851-1922, gehuwd met Anna Maria Hoogstraten
Arnoldus Vergeest 1897-1953, gehuwd met Wilhelmina Verploegen
Willem Vergeest 1934-1994, gehuwd met J. de Best
Arnoldus Vergeest 1966, gehuwd met Miranda Theunissen

Bekijk in een filmpje van de NPO de geschiedenis van De Oudste Familiebedrijven.
Schermafbeelding 2014-05-06 om 09.05.21